Je controleert eerst de gebruikelijke plekken, zoals tapijten, bankranden, hoeken, muurgedeelten, onderkanten van meubels en rond de kattenbak. Let ook op moeilijk zichtbare zones zoals achter meubels, bij deurkozijnen, in voegen of op krabpalen. Katten markeren soms onopvallend, zodat je geen vlek ziet, maar wel geur in de lucht waarneemt.